Dokter van Doorn

Dokter van Doorn (*)

Het is de gewoonte dat je tijdens je stages als leerling-verpleegkundige ook wat meekijkt bij de onderzoeken die de arts doet. Daar leer je vaak veel van. Theorieboeken zijn vooral tekst en plaatjes, en life is het een mens. Een dokter, een patiënt en anderen die in de situatie meedoen.

Ik werk op ‘ Interne J’.  Mijn eerste stage-afdeling, ‘mannen interne ziekten’.

Dokter van Doorn is een rijzige, imposante verschijning.  Hij loop iets gekromd als of hij een zak zwaar materiaal op zijn schouder meetorst. Hij kijkt je altijd met een vriendelijke blik in de ogen aan. Ja, vriendelijk, maar beslist. Met gepaste afstand. Hij heeft gezag en hoeft daar niet veel moeite voor te doen. De afdeling heeft meerder longartsen. Dokter van Doorn is een graag geziene man, bij medewerkers en patiënten.
Je vertrouwt hem.

Vandaag om 08.00 uur staat de bronchoscopie van patiënt Harmsen gepland. Of ik hem daarheen wil brengen en dan kan ik meteen meekijken. Dat meekijken is ook voorschrift om e.e.a. af te tekenen in je Praktijk Rapporten Boekje. Ervaring opdoen!

Mijnheer Harmsen heeft longkanker. Dat weet hij en hij heeft zich er bij neergelegd. Vandaag wil dokter van Doorn kijken hoeveel erger het geworden is.

Dhr. Harmsen gaat in de onderzoekskamer op de  tafel liggen en dokter van Doorn manoeuvreert de bronchoscoop zijn keel in. En kijkt. En ziet. En stapt achteruit en opzij.

‘Kijk maar’, nodigt hij me uit.

Ik kijk en zie een beeld  dat ik niet meer hoop te zien. Ik word duizelig en ga onderuit. Ben als een vaatdoek. Een collega brengt me bij m’n positieven. Ik trek wat bij en ga later terug naar de afdeling, weer aan het werk.  Heb het nog even kort met mijnheer Harmsen over het gebeurde en ik zie dat hij beseft dat wat er in zijn  lijf te zien is aanleiding is om onpasselijk te worden. Dat vind ik spijtig, en het is waar.  Erg genoeg.

Het is 10.30 en tijd om te pauzeren.  Ik doe m’n stijfgestreken lange witte verplegersjas aan, want pauzeren doen we in het restaurant. Ik pak m’n pakkie shag uit mijn kastje, m’n aansteker en ga richting lift. Ik begin alvast mijn welverdiende shagje te draaien.

De lift komt op Begane Grond, de deur glijdt open. Voor de lift staat, wachtend om in te kunnen stappen, dokter van Doorn. We blijven allebei stokstijf staan. Ik in de lift, hij ervoor. Het is maar een kort moment, maar ik herinner het me als een eeuwigheid.

Hij kijkt me in de ogen, kijkt langzaam omlaag naar m’n handen met daarin m’n vers-gedraaide shagje en zegt vriendelijk, maar nadrukkelijk: ‘Prettige pauze’.

Ik zou nog vele jaren roken. Ik stopte pas op 23 mei 1989 om 08.30 ’s morgens op de stoep van de verloskundige. ‘Je wordt vader’, klonk het. Dat was het moment.

 

De foto is niet de echte dokter van Doorn. Als een van de collega’s een foto heeft?